Het inzicht in vorige levens

Nieuwsbrief 1

Nieuwsbrief nr. 1

Lieve mensen,

Nu ik gestopt ben met lezingen (een enkele uitzondering daargelaten) en nu ook ons blad Verwachting is gestopt, zocht ik naar een andere manier om in contact te blijven met de vele mensen die in mijn werk geïnteresseerd zijn, of die naar mijn lezingen en Themadagen kwamen en/of misschien wel ons blad Verwachting lazen. Hermieke l’Amie, mijn nieuwe webmaster, bracht mij op het idee van Nieuwsbrieven: brieven, waarin ik iets vertel over mijn werk en de inzichten die ik al doende opdoe. Want mijn geestelijke ontwikkeling stopt natuurlijk niet, maar krijgt juist bij het ouder worden meer diepgang.
Zo ben ik in deze maanden opnieuw bezig met het thema van vorige levens en het daarmee samenhangende karma. Juist als je oud bent wordt zo’n bezinning intensiever en diepgaander dan ooit eerder. Maar daarover later meer.
Laat mij in deze eerste Nieuwsbrief puntsgewijs aan jullie mogen voorleggen wat ik graag met jullie wil delen. (Ik ben overigens van plan over een paar maanden de volgende  Nieuwsbrief te verzenden. Dat hangt een beetje af van de beschikbare tijd en de inspiratie.) En zoals altijd geldt ook nu: je hoeft niets van mij te geloven. Ik wil je alleen maar vragen er met een open mind over na te denken.

De inhoud van Nieuwsbrief 1 van maart 2026 luidt als volgt:

  1. Spreken met gestorvenen
  2. De gestorvenen vragen: help ons!
  3. Bewustwording van vorige levens
  4. Een ingewijde in de moderne mysteriën
  5. Dit is de eeuw van het karma – en we hebben er allemaal last van
  6. Je leven verandert ingrijpend door het inzicht in vorige levens   

1. Spreken met gestorvenen

Als je oud(er) wordt, ontstaat er als vanzelf behoefte aan wat meer tijd voor bezinning. Herinneringen en beelden uit het verleden komen sterker naar boven dan vroeger en vragen erom doorvoeld en begrepen te worden. Ook je tempo, ofwel je levensritme wordt lager. En dat is niet alleen het gevolg van het feit dat je fysieke lichaam veroudert. Het heeft ook te maken met het feit dat je etherische lichaam al een heel klein beetje los begint te komen van je fysieke lichaam en zich ongemerkt wat meer begint te richten op de geestelijke wereld dan op de aardse wereld.
Maar het gevolg daarvan is dat onze ziel zich wat sterker begint te richten op het rustige, heldere en ontspannen ritme van de tijdloze geestelijke wereld dan op het jachtige tempo van de aardse wereld. Mede daardoor beginnen we bij het ouder worden als vanzelf wat meer te vertragen. Je kunt overigens ook tegen dat door de natuur gegeven ritme ingaan en je verbeten vast blijven houden aan het levensritme dat je zo gewend was. Maar als je dat doet begin je te verkrampen en word je ongemerkt een bozig oud mens (omdat je je verzet tegen het natuurlijke ritme van je lichaam en je ziel). Dat toch maar liever niet! Maar als je begrijpt waardoor die vertraging van je levensritme (bij het ouder worden) veroorzaakt wordt, heb je daar – zo vergaat het mij tenminste – alle vrede mee.
Nu begrijpen jullie waarschijnlijk ook dat ik er alle vrede mee heb dat ik nauwelijks meer lezingen geef en waarom we (hoe jammer ook) gestopt zijn met Verwachting. Trouwens, de redactie kreeg vele hartelijke mailtjes, kaarten en brieven waarin de afzenders ons bedankten voor de jarenlange inzet waarmee we ons blad Verwachting steeds weer samenstelden. Voor al die hartelijke reacties wil ik jullie op mijn beurt (mede namens Wilma de Vries-Mulder, onze hoofdredacteur, en Pieter Zandberg, voorzitter van onze Stichting de Heraut) zeer bedanken!
Maar nu mag ik mij toevertrouwen aan het rustiger tempo dat het oud(er) worden vraagt en dat een sterkere verbinding met de geestelijke wereld mogelijk maakt. Daarbij voltrekt zich, zo is mijn ervaring, iets bijzonders. Want doordat de innerlijke verbinding met de geestelijke wereld zich (nog) wat sterker dan vroeger laat gelden, word je als oude(re) mens ook gevoeliger voor de vele gestorvenen die ons zijn voorgegaan en die zich vanuit de geestelijke wereld tot ons wenden. Daardoor is de nacht steeds vaker niet alleen maar aan de slaap gewijd, maar staat deze meer en meer ook in het teken van een groeiend contact met de gestorvenen. Dat is de achtergrond van dit gedicht dat ik over die ervaring schreef:

Gedicht

Spreken met gestorvenen


s Nachts spreek ik met gestorvenen die mij zijn
voorgegaan en met wie ik mij in liefde verbonden
weet. Vooral ’s nachts: dan ben ik rustig en kan ik
mijn denken tot stilte brengen. Dan kan ik voelen
welke impulsen en welke inzichten zij in mijn hart
neerleggen. Zulke gesprekken: ze zijn zo kostbaar.

In zulke uren helpen zij mij om hun levensgang te
begrijpen, ze laten me voelen waarom zij toen en toen
overleden en wat de diepere zin van hun leven op aarde was. Maar ze laten mij ook zien wat de zin van míjn eigen leven is. Zo geven zij mij steeds meer inzicht. 

Ik praat dikwijls makkelijker en dieper met mijn
geliefde gestorvenen dan met levenden op aarde.
Er is minder ruis tussen ons, en aardse egokrachten
verstoren ons contact niet, zolang ik tenminste zelf
maar oprecht en zuiver ben, bereid tot zelfinzicht. 

Niets is mij zo dierbaar als dat nachtelijke gesprek.

2. De gestorvenen vragen: help ons!

Het volgende schrijf ik met schroom. Want met de mogelijkheid om in contact te treden met gestorvenen, zoals ik die hieronder zal beschrijven, mogen we alleen maar bescheiden (!) omgaan met een grote eerbied, vol innerlijk respect voor de grote geheimen waarmee we in aanraking komen, en vanuit een innerlijke houding van verstilling. Bovendien is een innerlijke (misschien wel jarenlange) voorbereiding onmisbaar, wanneer wij met gestorvenen in contact willen treden.
Met die voorbereiding bedoel ik allereerst een gebed of meditatie. Daarnaast is het noodzakelijk om alles los te laten wat ons hart onrustig maakt (dat is overigens wel een hele klus). En vervolgens moeten we ons bewust worden dat we alleen met een ontvankelijk hart, zonder welk (voor)oordeel dan ook, open moeten staan voor wat de gestorvenen ons willen zeggen en duidelijk willen maken. Alleen vanuit die grondhouding mogen we ons voorbereiden op een mogelijke ontmoeting met gestorvenen. Alleen dan mogen we ons wijden aan de volgende oefening:

Het is mogelijk om in ons innerlijk (onze ziel of ons hart) een speciale ruimte te creëren, waar we in de nacht onze geliefde gestorvenen kunnen ontvangen. Regelmatig kunnen we vervolgens die ruimte betreden en daar met onze geliefden in verbinding komen en eventueel ook met andere gestorvenen die contact met ons zoeken. Regelmatig: daarmee bedoel ik dat dit heus niet elke nacht hoeft en dat dat ook niet kan omdat we lang niet elke nacht innerlijk zo rustig zijn dat we onze geliefde gestorvenen op de juiste en passende wijze zouden kunnen ontvangen.
Je zult overigens merken dat je op een zeker moment precies weet hoe die ruimte eruit moet zien (hoe ziet de jouwe eruit?). En besef: het is een ruimte die we het beste alleen kunnen gebruiken om er de gestorvenen te ontvangen. Want alleen dan blijft die ruimte zuiver.

Als we die ruimte binnengaan is het belangrijk om geduldig en vol respect te wachten op degene die daar in die ruimte vanuit de geestelijke wereld naar ons toe wil komen. Na enige tijd kan het gebeuren dat er plotseling voetstappen weerklinken die we uit duizenden herkennen. Een andere keer staat een gestorvene geheel onverwacht voor ons. Weer een andere keer vóelen we vooral de nadering van iemand, zonder dat we iets horen. Ze komen dus heel verschillend naar ons toe. En vaak realiseer je je achteraf dat juist die manier van verschijnen bij hen past.
Het is mogelijk om degene die ons bezoekt uit te nodigen om plaats te nemen op de speciale stoel die we daar voor onze bezoekers klaargezet hebben. Bedenk maar eens welke of wat voor stoel je daar voor hen wilt klaarzetten.

Als vanzelf ontstaan er vervolgens gesprekken tussen onze bezoek(st)er en ons. Veel van die gesprekken zijn zo indringend dat je ze als vanzelf onthoudt. Sommige gesprekken duren wat langer, de meeste andere daarentegen maar kort. Maar hoe dan ook: van die gesprekken kunnen we zoveel leren.
Meestal vertellen onze geliefde gestorvenen ons hoever ze zijn met de verwerking van hun aardse leven (maar alleen als ze voelen dat we écht in hen geïnteresseerd zijn!). Want dat is immers de grote opgave waar iedere gestorvene zich na de dood allereerst aan moet wijden. Aan de hand van die gesprekken gaan we als vanzelf beseffen dat de een veel vlugger door die bezinning en verwerking heengaat dan de ander. Als je daarover nadenkt zal dat verschillende tempo ons niet verbazen. Terugkijkend naar hun aardse leven wordt het ons immers al gauw duidelijk dat de een altijd al een zekere weerstand had tegen zelfreflectie en het moeilijk vond de eigen fouten onder ogen te zien, maar dat de ander zich daarentegen ook op aarde altijd al veel sterker had gericht op het doorgronden van de eigen binnenwereld.
De ervaringen die we bij die nachtelijke gesprekken opdoen, zijn meestal deze: allereerst zullen we merken hoe belangrijk het voor hen is dat wij begrijpen welke (zelf)inzichten de gestorvenen in de geestelijke wereld opdoen. Als we ons innerlijk voor hen openstellen beginnen we te beseffen hoe belangrijk het voor hen is dat we bij het luisteren naar hen niets veroordelen en alleen maar met een open hart en met een groot respect naar hen luisteren.
We zullen ook ontdekken hoe belangrijk het kennelijk voor hen is dat zij dit alles met ons kunnen delen. Denk maar aan jezelf: hoe helend en genezend was het soms dat je je kon uitspreken tegen iemand die je echt begreep! Zo ervaren onze gestorvenen dat ook in die nachtelijke gesprekken.
Maar ook zullen we bij die gesprekken merken hoe belangrijk het voor hen is dat wij op onze beurt eerlijk (maar ook liefdevol) naar hen toe uitspreken wat onze eigen gevoelens naar hen toe zijn of waren, de positieve en de negatieve. Je zult merken hoe helpend het voor hen is dat wij ons bewust gemaakt hebben, waarom wij die gevoelens hadden. Ze zuigen wat we daarover zeggen als het ware helemaal in zich op om aan die inzichten verder te kunnen groeien en hun aardse leven nog beter te gaan begrijpen. Die respectvolle eerlijkheid van onze kant (en besef alsjeblieft dat we alleen met het grootste respect ook de negatieve gevoelens mogen uitspreken) is net zo essentieel voor hen, als het delen van hun eigen verworven inzichten met ons.
Wanneer wij hen zo als in een spiegel laten zien hoe zij op aarde op anderen overkwamen kunnen zij verder groeien en zich verder ontwikkelen. Maar nogmaals: dat spiegelen moet gebeuren zonder enig verwijt of wrok! Alleen maar met liefde. De inzichten die zij bij het spiegelen opdoen zijn zelfs een noodzakelijke impuls voor de verdere ontwikkeling van hun zelfinzicht. Daarbij is het belangrijk te beseffen dat deze gespiegelde inzichten niet nieuw zijn voor hen: in de geestelijke wereld krijgen zij immers alles terug te zien, ook hoe anderen innerlijk over hen dachten of wat ze aan hen beleefden. Maar om dat nog eens van onszelf te horen werkt verdiepend op het proces waar ze doorheen gaan.

Al deze ervaringen – ofwel al deze ontmoetingen en gesprekken met onze geliefde gestorvenen – zullen ons doen beseffen dat onze geliefde gestorvenen ons werkelijk nodig hebben – ook nu, nu ze gestorven zijn! Anders gezegd: het is voor hen zelfs van beslissende betekenis dat wij onszelf na hun dood onder de loep nemen en ons bezinnen op onze relatie met hen.
Waarom konden wij bijvoorbeeld tijdens hun aardse leven nooit echt contact met hen krijgen? Lag dat alleen maar aan hun gedrag, of had dat ook te maken met onze houding naar hen toe? En zijn we in staat de ander (die gestorven is) alsnog te vergeven voor de pijn of het verdriet dat hij of zij ons tijdens zijn leven op aarde gedaan heeft? En zijn wij op onze beurt in staat hen om vergeving te vragen voor de pijn die wij hen hebben aangedaan? En zo kan ik nog wel een poosje doorgaan.
We zullen ook dit gaan ervaren: dat sommige gestorvenen soms jarenlang wachten voordat ze met ons in verbinding treden, net zolang tot wij onze weerstand, wrok of onverschilligheid naar hen toe overwonnen hebben,. Ze respecteren immers wat er van ons uitgaat en wachten net zolang tot ze voelen: nu ben ik welkom, nu is de achtergeblevene gereed voor een open gesprek zonder verwijt of oordeel.

Kortom: we leren van die nachtelijke gesprekken met onze geliefde gestorvenen hoe belangrijk het is dat wij achterblijvenden tot een eerlijk zelfonderzoek durven overgaan en de deur van ons hart niet uit gemakzucht of vanuit een verdrongen boosheid op slot blijven doen. Want dan laten wij hen in de steek in dat proces van bezinning op hun voltooide aardse leven dat zij na hun dood moeten ondergaan.
Maar nogmaals: besef alsjeblieft dat je deze gesprekken alleen mag aangaan vanuit een diep respect en pas dan, als je je eigen woede, wrok en boosheid hebt overwonnen. En dat betekent dat het soms jaren kan duren voordat er met sommige gestorvenen een echt contact ontstaat. En soms ontstaat er helemaal geen contact met een gestorvene. En dan is het aan ons om te onderzoeken waarom dat eigenlijk zo is.

De roep om vergeving
Wat belangrijk is om te weten in de omgang met gestorvenen is dit: dat je in hen soms een diep verlangen kunt bespeuren om het weer goed te maken met ons, als er een grotere of kleinere verwijdering tussen hen en ons is ontstaan. Bij hun bezinning in de geestelijke wereld zijn ze gaan begrijpen wat hun eigen aandeel was in die verwijdering. En het is dat inzicht dat hen ertoe brengt om ons om vergeving te komen vragen. Als ik dan ook zelf over die verwijdering heb nagedacht en ook bereid ben om mijn eigen aandeel daarin onder ogen te zien, schenkt hen dat een diepe vreugde omdat zij nu ervaren dat die oude verwijdering van weerszijden is overwonnen en dat wij beiden geheel verzoend en in volle vrede met elkaar verder mogen gaan.
Het is voor onze gestorvenen heel belangrijk dat zij op die manier de relatie met ons kunnen herstellen (en wij met hen) zodat we een volgende incarnatie niet beginnen in een sfeer van verwijdering, maar juist in een open en hartelijke sfeer naar elkaar.
Nogmaals: het zal nu wel duidelijk zijn dat wij ook zelf onze weerstand, oude boosheid en gekwetstheid moeten leren loslaten, voordat deze nieuwe sfeer mogelijk wordt. En iedereen die daarover wel eens wat dieper heeft nagedacht, beseft meteen hoe heftig en soms ook hoe zwaar deze opgave voor ons kan zijn. Maar als het ons (soms na jaren) lukt om tot deze vergeving te komen, geven we niet alleen de gestorvene een groot geschenk, maar ook onszelf. Want nu zullen we in een volgende incarnatie onbelast en zonder wrok, maar juist in een groot respect met elkaar verder mogen gaan.  

 

3. Bewustwording van vorige levens

Jouw alineatekst

In de inleiding stipte ik het al aan: dat de ouderdom ons soms ook een grotere gevoeligheid verleent voor de realiteit van vorige levens en ons soms zelf kleine doorkijkjes schenkt naar een of meer vorige levens. Dat zijn wel ingrijpende ervaringen, want als we ons bewust worden van vorige levens gaan we meestal anders naar de mensen om ons heen kijken.
Een voorbeeld van de manier van kijken naar andere mensen waarbij je op het spoor komt van een vorig leven is dit verhaal:
Mijn broer heeft duidelijk een vorig leven doorgebracht in Zuid-Europa, en waarschijnlijk zelfs in Frankrijk. Hoewel hij op ons leek en je de fysieke familiekenmerken ook aan hem kon aflezen, was hij toch in heel wat opzichten anders. Zijn haar was ravenzwart en dat was een uitzondering in onze familie. Ook de teint van zijn gezicht was donker, alsof hij jarenlang in een zonnig gebied had doorgebracht. De anderen van ons gezin waren blond en hadden een blozende gezichtskleur. En zo waren er nog wat opvallende verschillen. Opvallend genoeg trouwde hij later met een Française en verhuisde naar Frankrijk waar hij nu nog steeds woont. Ik weet zeker dat hij in een vorig leven ook al in Zuid-Europa geleefd heeft en dat hij in dit leven terugkeerde naar wat hem onbewust vertrouwd was.
Later heb ik me afgevraagd: was deze terugkeer naar Frankrijk een terugval naar een vertrouwde wereld uit een vorig leven, of had hij zich in dit leven juist een heel andere, nieuwe wereld (Nederland dus) eigen moeten maken? Ofwel: was die terugkeer naar Frankrijk juist bedoeld door de engelen die zijn levenslot leiden? Daar ben ik nog steeds niet uit. Maar na mijn dood zal ik het antwoord op deze vraag zeker mogen zien.
Om je bewust te worden van mogelijke vorige levens van mensen om je heen moet je wel verder leren kijken dan je neus lang is. Ofwel: je moet leren kijken tot voorbij de buitenkant. Dat maakt het bovenstaande voorbeeld wel duidelijk. Het is een kijken met verwondering. In het bovenstaande voorbeeld de verwondering (van de man die dit verhaal vertelde) dat een van zijn broers zo duidelijk anders was. Door die verwondering kwam de vraag in hem op: waarom is hij zo anders? En vandaaruit kwam de vraag in hem op: hoe was zijn leven nu eigenlijk bedoeld? Was zijn vertrek naar Frankrijk een bedoelde terugkeer naar de wereld van zijn vorige leven, of ontvluchtte hij daardoor juist (onbewust) de nieuwe en zo andere ervaringen die een leven in Nederland hem hadden kunnen geven?
Steeds vaker mogen wij in deze tijd leren om op zo’n manier naar mensen te kijken dat er iets van een vorig leven zichtbaar wordt. Dat mogen we overigens alleen maar doen vanuit een diep respect voor de ander, met bescheidenheid en met terughoudendheid. Want misschien ligt het toch nog heel anders dan wij denken. Maar het is wel belangrijk deze manier van kijken tot ontwikkeling te brengen in onszelf. Want dit is de tijd en de eeuw waarin wij ons van vorige levens van onszelf en van anderen (en daarmee ook van ons karma) bewust moeten worden.

4. Een ingewijde in de moderne mysteriën

Een ander voorbeeld over de bewustwording van vorige levens is dit verhaal van een vrouw die pas in haar latere leven ontdekte dat ze ook in een vorig leven al een leerling van Rudolf Steiner was:

   Een ingewijde in de nieuwe mysteriën

In haar vorige leven was ze een leerling
van Rudolf Steiner. Uit vrije wil en uit liefde
voor hem had ze zich losgemaakt van de groep
waartoe ze eeuwenlang behoorde en incarneerde
veel eerder dan de rest van haar groep. Dat maakte
haar alleen: er ontstond met niemand op aarde
een vanzelfsprekend contact. Ze was eenzaam
en werd niet begrepen. Maar ze deed waarvoor
ze was gekomen: ze diende Rudolf Steiner
met heel haar hart en al haar kracht en inzet.

Na haar dood kwam ze al snel weer terug. Ze
wilde het werk van Rudolf Steiner voortzetten,
hoe dan ook. Maar eerst moest ze in dat nieuwe
leven de weg naar Rudolf Steiner weer terugvinden.
Dat was niet gemakkelijk, noch vanzelfsprekend.

Het was alsof ze door alle obstakels op haar
levensweg de keuze voor Rudolf Steiner opnieuw
moest bevestigen en waarmaken. Want ook in dat
leven was ze een vreemdeling te midden van mensen
die niets van haar begrepen. En mensen die anders
zijn en een geheim lijken te kennen worden met
jaloezie bejegend. Die jaloezie was haar lot: altijd
weer kwam die op haar weg en werd zij uitgesloten.

Toch hield ze vol en vond uiteindelijk haar
bestemming: om opnieuw de dienaar te zijn van
het levenswerk dat door Rudolf Steiner was
begonnen. Maar toen, eindelijk, vond zij ook de
mensen die deze passie met haar deelden. Zo ont-
stond er als vanzelf een kleine nieuwe groep. Pas
toen kon zij ontspannen en worden zoals ze was:
een wetende, een ingewijde in de nieuwe mysteriën.

5. Dit is de eeuw van het karma en we hebben er allemaal last van

Zoals ik al aangaf ben ik in deze tijd bezig met een verdere bezinning op vorige levens en het daarmee samenhangende karma. Ik ben zelfs al begonnen aan een boek over dit thema. Het heeft voorlopig als werktitel gekregen: Dit is de eeuw van het karma en we hebben er allemaal last van. Het zal overigens zeker nog een of twee jaar duren voordat dit boek verschijnt, maar ik vind het leuk om te vertellen waar in deze periode mijn aandacht naar uitgaat.

Daarmee is trouwens wel iets merkwaardigs verbonden. Want begin maart verschijnt mijn nieuwste boek: Het lijden van Rudolf Steiner. Het is het laatste deel van een trilogie. Maar het manuscript van dat boek heb ik vorig jaar al aan het einde van de zomer ingeleverd bij mijn uitgever. Het duurt immers meestal nog heel wat maanden, voordat een manuscript uiteindelijk als een concreet, tastbaar boek het licht ziet.
Maar dat betekent dat als dit boek verschijnt, diverse mensen mij daarop beginnen aan te spreken, te mailen of zelfs te schrijven. Ze zeggen dan vaak zoiets als: Je zegt in je boek dit of dat. Maar, zeggen ze vervolgens, ik denk dan… (en dan volgt er een bepaald inzicht). Vaak weet ik dan niet goed meer waarover ze het hebben: ik ben immers nu met een heel ander thema bezig en heb dit nieuwste boek niet meer in mijn hoofd.
Vergis je niet: ik vind zulke betrokkenheid bij mijn werk en al die opmerkingen heel leuk, alleen valt me dan altijd weer de ongelijktijdigheid op die je als schrijver steeds weer beleeft. Toen ik het schreef was het nog niet mogelijk de inhoud ervan echt met anderen te delen. En nu het wel mogelijk is, ben ik alweer met andere thema’s bezig. Dat is het lot van een schrijver.
Wellicht ten overvloede herhaal ik in deze eerste Nieuwsbrief nog even de aankondiging die jullie ook al konden vinden in de allerlaatste Verwachting (nr 117):

Uit vrije wil besloot een hoge ingewijde terug te keren naar de aarde. Hij wilde de impuls brengen die de mensen nodig hadden om een verdere stap te kunnen zetten in hun geestelijke ontwikkeling. Hij zag bij een vooruitblik dat hij tegenwerking, onbegrip en veroordeling zou moeten verdragen en dat er gewelddadige aanslagen op hem gepleegd zouden worden. Toch aanvaardde hij dat levenslot en koos daar bewust voor. De naam die hij op aarde kreeg luidde Rudolf Steiner. Hij ging omdat hij wist dat zijn lijden niet vergeefs zou zijn. De eerste christenen wisten het al: uit het ware martelaarschap komt nieuw leven voort.

In onze tijd zien we hoe de inzichten die hij bracht, steeds meer mensen beginnen te inspireren. En terwijl het verzet tegen wat hij bracht en het verdraaien van zijn inzichten toenemen – een geestelijke moord – neemt ook het aantal mensen toe dat zijn leerling wil zijn. Uit zijn lijden komt nieuw leven voort.

 

6. Je leven verandert ingrijpend door het inzicht in vorige levens

Nu ik mij opnieuw bezin op het thema van vorige levens, word ik mij veel sterker dan vroeger bewust hoezeer dat inzicht onze levens verandert. Tot slot van deze Nieuwsbrief wil ik daarover dan ook nog graag iets vertellen. Want dankzij het inzicht in vorige levens ga je anders leven en anders denken. Laat mij een paar voorbeelden van die veranderingen mogen geven:
1. Als je begint te beseffen dat je in al die vorige levens steeds weer door de poort van de dood bent gegaan, leidt dat besef er haast als vanzelf toe dat er gedachten in je opkomen als: Ik ben al zo vaak door de poort van de dood gegaan en het is altijd goed gekomen… En: ik ben na verloop van tijd altijd weer naar de aarde teruggekeerd, dus zal de doorgang door de poort van de dood ook in dit leven waarschijnlijk niet zo moeilijk zijn. Dat houdt dus in dat je door het inzicht in vorige levens iets van je angst voor de dood kwijtraakt en onbevangener tegenover de dood komt te staan. 
2. Daarnaast word je je bewust van het feit dat de dood geen einde is, maar dat de mens na de dood voortleeft en steeds weer naar de aarde terugkeert om een nieuwe aardse levensles op te doen. Er komt dus met de dood geen einde aan ons bewustzijn. Dat is wel bijzonder, want voor veel mensen in onze tijd houdt de dood wel het einde van ons bewustzijn in. Zij denken dat er, als ze toeleven naar de dood, een definitief einde gaat komen aan zowel hun leven, als aan hun bewustzijn. Dat is voor velen begrijpelijkerwijze een bedreigende gedachte. Maar wie weet heeft van vorige levens beseft dat het leven doorgaat en dat ons huidige leven slechts een bladzijde is uit ons zoveel grotere levensboek. En Pim van Lommel maakte in zijn boek Eindeloos bewustzijn duidelijk dat ons bewustzijn niet alleen maar gebonden is aan onze hersens, maar ook los van onze fysieke hersens kan leven en functioneren.
3. Bovendien ga je beseffen dat de band met onze gestorven geliefden helemaal niet weg is: onze geliefden leven in de geestelijke wereld, in het land van licht en blijven van daaruit op ons betrokken. Liefde sterft namelijk nooit en blijft ons verbinden, waar we ook zijn: hier op aarde of in de geestelijke wereld. Liefde is immers de sterkste, de meest belangrijke kracht in de kosmos en dus ook op aarde.
De dood betekent dan ook alleen maar dat de band tussen mij en mijn gestorven geliefden anders wordt. Ik kan ze niet meer aanraken, maar ik kan hun geestelijke nabijheid wel ervaren. Daarom moeten wij onze gevoeligheid scherpen om te voelen en te ervaren wanneer een geliefde gestorvene zich kenbaar maakt aan ons. En dat doen ze veel vaker dan de meesten van ons zich in deze tijd bewust zijn.
4. Als je stilstaat bij deze blijvende verbinding word je je ook bewust dat het onze gestorven geliefden een groot verdriet doet als zij merken dat hun op aarde achtergebleven geliefden niet beseffen dat zij er nog steeds zijn. Het doet hen met name verdriet dat hun achtergebleven geliefden niet beseffen dat zij daar, in de geestelijke wereld, van alles meebeleven wat hun op aarde achtergebleven geliefde(n) doormaakt (of doormaken). Maar vooral doet het hen verdriet wanneer hun achtergebleven geliefden niet beseffen hoe zij, hun geliefde gestorvenen, vanuit de geestelijke wereld hen genezende en inspirerende energieën willen schenken, maar dat niet kunnen. Want als hun achtergebleven geliefden zich afsluiten voor de stille en onzichtbare (maar wel voelbare!) inspiraties van hun geliefden aan de overkant van de dood heeft dat grote gevolgen. Dan kunnen die energieën namelijk niet doordringen tot in het hart van hun achtergebleven geliefden: hun hart zit op slot.
Er zijn dan ook gestorvenen die een omweg zoeken om hun achtergebleven geliefden alsnog te bereiken. Zij zoeken bijvoorbeeld contact met mensen op aarde die over helderziende vermogens beschikken en vragen aan hen om contact op te nemen met hun achtergebleven geliefden. Hen moeten ze dan vertellen dat hun gestorven geliefden nog steeds leven, ook al beschikken ze niet over een fysiek lichaam (maar wel over een geestelijk lichaam).
5. En tenslotte is het zo dat ons leven ook in moreel opzicht verandert door weet te hebben van vorige levens en van karma. We worden ons daardoor namelijk bewust dat alles wat we doen, zeggen en denken gevolgen heeft voor onze volgende levens. Want alles wat we doen, denken en zeggen vormt immers het karma waarmee we in volgende levens te maken zullen krijgen. Daardoor zullen we als vanzelf ons denken beter dan voorheen behoeden, we zullen beter letten op wat we zeggen en we zullen ons bewust zijn van de karmische gevolgen van alles wat we doen.
Over dit alles valt natuurlijk nog veel meer te zeggen, maar alleen al deze paar voorbeelden moeten genoeg zijn om te verduidelijken hoe belangrijk en beslissend het inzicht in karma en in vorige levens is.

Hans Stolp


Van harte wens ik jullie allen een vrolijk en zonnig voorjaar toe!
Ook dank ik jullie zeer hartelijk dat jullie betrokken willen blijven bij mijn werk, mijn inzichten en mijn boeken. Willen jullie ook anderen op deze Nieuwsbrieven attenderen, vertel ze dan even, als je wilt, dat ze zich daarvoor kunnen aanmelden via mijn website: www.hansstolp.nl

Hartelijke groet, in blijvende verbondenheid
(want je hoeft elkaar niet te zien om toch verbonden te zijn en te blijven)

Hans Stolp

hans stolp
Scroll naar boven