Nieuwsbrief 3
September 2026
De vorige levens van Rudolf Steiner en Ita Wegman
hoe herkennen we onze eigen vorige levens?
Nieuwsbrief nr. 3
Rijkdom
Als ik steeds dieper begrijp waarom
mijn leven ging zoals het ging, voel ik
de warmte van een grote dankbaarheid
in mijn ziel oprijzen: leiding wordt voelbaar.
Als ik innerlijk de vele mensen voor mij
zie met wie ik samen mocht wijzen
op de geestelijke dimensie van het leven,
vervult een gevoel van verwondering mij.
Als ik innerlijk stilsta bij de Meesters
die mij in stilte en meestal ongemerkt
leiding geven, voel ik mij in hen verbonden
met de Bron van Liefde, met Christus zelf.
Hans Stolp
1. De rode roos op het hart van het kruis
Dankbaarheid
Doordat mijn zicht sinds enige tijd tamelijk beperkt is (ik zie nog wel wat, maar niet meer zo veel), ben ik nog meer dan vroeger gericht op mijn binnenwereld. Dat vind ik zelf wel wonderlijk, want ik was altijd al sterker op de binnenwereld gericht dan op de buitenwereld. En dan bedoel ik niet alleen mijn eigen binnenwereld, maar vooral ook die van anderen en die van de aarde (want ook de aarde heeft een onzichtbaar geestelijk aspect met engelen, gestorvenen en ga zo maar door).
Door deze inkeer naar binnen is voor mij de vraag nog prangender geworden waarom dit zo’n heftige tijd is met oorlogen, een natuur die dreigt te ontsporen (en wat zit daar nu werkelijk achter?), steeds meer jongeren die het leven niet meer zien zitten en ga zo maar door. Maar op dit alles zal ik aan het einde van deze Nieuwsbrief en in latere Nieuwsbrieven verder ingaan.
Nu wil ik allereerst stilstaan bij een belangrijk aspect van de terugblik op mijn eigen leven: dat van de dankbaarheid. Want terugkijkend op mijn leven en hoe alles verlopen is, is het vooral de dankbaarheid die dan in mij opkomt. Dankbaarheid voor de vele en zo verschillende mensen die ik mocht ontmoeten, dankbaarheid voor de stille, maar zo voelbare hulp die geliefde gestorvenen mij vanuit de geestelijke wereld gaven (een hulp die soms zelfs beslissend was voor mijn leven), dankbaarheid voor de liefde die ik in allerlei vormen mocht ontvangen.
Maar ook dankbaarheid voor de soms stevige levenslessen die ook mij – net als ieder ander mens – voorgelegd werden. Want nu, achteraf, mag ik zien waarvoor die lessen nodig waren en wat ik daarvan leren mocht.
Natuurlijk zijn die levenslessen lang niet altijd even leuk, maar nu ik zien mag wat ze me uiteindelijk gebracht hebben, voel ik steeds meer dankbaarheid in mij opkomen, ook voor deze levenslessen.
Dankbaarheid is misschien wel de hoogste geestelijke winst die wij op onze gang door het aardse leven behalen kunnen. In de rijke traditie van de rozenkruisers bestaat daarvoor een prachtig symbool: de rode roos die bloeit op het hart van het kruis. Het kruis is daarbij het symbool van het lijden aan het aardse leven, de rode roos het symbool van de geestelijke winst die wij op dat lijden behalen kunnen. Zonder woorden legt dit symbool ons de vraag voor: welke geestelijke winst heb jij behaald op het lijden dat je in dit leven moest doormaken? Een dieper vertrouwen misschien in de leiding vanuit de geestelijke wereld? Of iets meer overgave aan de weg die jou gewezen wordt? Of meer inzicht in waar het in dit leven nu echt om gaat? Ofwel: waaruit bestaat jouw rode roos?
Met name oudere mensen wordt dit symbool na aan het hart gelegd. Want als de terugkeer naar de geestelijke wereld dichterbij komt, is het belangrijk om je innerlijk de oogst van dit leven bewust te worden. En, zoals gezegd, dankbaarheid is misschien wel de belangrijkste winst die je op dit leven kunt behalen. Als we na onze dood ook maar een heel klein beetje van die dankbaarheid meebrengen naar de geestelijke wereld, vervult dat de engelen die ons levenslot leiden met een diepe vreugde. Niets kan hen gelukkiger maken dan te mogen zien wat wij op aarde veroverd hebben aan dankbaarheid en verwondering.
Natuurlijk gaat dat niet vanzelf, dat verwerven van dankbaarheid. Je moet er innerlijk hard voor werken. Je moet je verdriet doorleven en heel geleidelijk loslaten. Dat alleen al vergt veel geduld en volharding. Daarnaast moeten we ook onze woede of verontwaardiging stap voor stap transformeren tot aanvaarding, overgave en een hogere vorm van zelfbewustzijn. En het is duidelijk dat zoiets een jarenlang proces inhoudt. Maar het is de moeite waard! Probeer je maar voor te stellen hoe blij de engelen zullen zijn als jij met die dankbaarheid na je dood thuiskomt in de geestelijke wereld! Als je dat voor ogen houdt, krijg je steeds weer kracht en uithoudingsvermogen om ervoor te blijven gaan: voor de omvorming van verdriet en woede tot dankbaarheid!
Maar wat houdt die dankbaarheid dan wel in? Allereerst de dankbaarheid voor het geleidelijke inzicht dat je op dat stille, innerlijke proces behaalde. Dat ging vaak zo geleidelijk dat je het soms zelf niet eens doorhad: dat je innerlijk een rijker mens met meer inzicht werd.
Dankbaarheid stelt je daarnaast in staat oude wrok of woede los te laten. En loslaten schept op zijn beurt ruimte. En die ruimte maakt dan weer nieuwe ontwikkelingen mogelijk. Hoe meer je je dit alles bewust wordt, hoe sterker je dankbaarheid wordt.
Maar er is nog een andere, nog dieper gaande reden tot dankbaarheid. Je begint te beseffen dat je de ander met jouw woede en/of verdriet vasthield: hij (of zij) was door jouw woede of verdriet gebonden en kon zich daardoor niet verder ontwikkelen. Maar nu je dat hebt losgelaten, kan de ander zich ook van die gebondenheid losmaken en geestelijk verder groeien. Daarbij maakt het niet uit of de ander nog op aarde leeft of inmiddels in de geestelijke wereld vertoeft: in beide gevallen schept dit loslaten nieuwe vrijheid en nieuwe groeimogelijkheden.
Een paar maanden geleden sprak ik een oudere man die zeven jaar geleden een hersenbloeding had gehad en negen weken in coma had gelegen. Nu, na zeven jaar, was hij verrassend redelijk hersteld, al bleef hij natuurlijk wel getekend door deze ziekte. Al pratend zei hij plotseling: Ik ben er wel door veranderd. Ik heb nu bijvoorbeeld een veel beter contact met mijn zoons en mijn dochter.
Toen hij dat zei, moest ik weer denken aan de rode roos op het hart van het kruis. Even later vertelde ik hem over dit symbool en over de diepere betekenis ervan. Het sprak hem meteen aan en deed hem veel.
Gedicht
Over de ogen van je ziel
Als je fysieke ogen minder worden, gebeurt
er soms iets bijzonders: de ogen van je ziel
gaan verder open: je wereld wordt ruimer.
Als je niet meer ziet wie er voor je staat,
ga je zien wie er vanuit de geestelijke wereld
tot je komt. Je wereld wordt groter dan ooit.
In de nacht sluit je je ogen, maar soms
komt juist dan een geliefde gestorvene
langs en geeft je troost, warmte en inzicht.
Koester die stille momenten waarop
allerlei indrukken van de zintuigen je niet
langer in beslag nemen en je de vrijheid
schenken om te zien wat meer en groter is.
We worden elke dag, elk uur, iedere minuut
omringd door engelen, gestorven geliefden
en vrienden uit vorige levens die ons liefde
willen geven, inspiratie en hulp. Maar het is
aan ons of we die hulp en die liefde aannemen
en in onze ziel willen opnemen. Open daarom
de ogen van je ziel en zie wie er zijn voor jou.
Hans Stolp
2. De incarnaties van Rudolf Steiner en Ita Wegman
Eeuwige individualiteit
Onlangs verscheen er een bijzonder boek dat de titel Eeuwige individualiteit, Rudolf Steiner en Ita Wegman meekreeg. Het is niet dik, maar wel rijk van inhoud. Het werd geschreven door Frans Lutters en verscheen ter gelegenheid van de 150e geboortedag van Ita Wegman op 22 februari 1876. Zij was, samen met Rudolf Steiner, de grondlegger van de antroposofische geneeskunde en een goede vriendin van hem.
In dit boek worden de verschillende incarnaties van die beiden beschreven. Want bijna altijd kwamen ze in dezelfde tijd naar de aarde om samen verder te werken aan de opdracht die hen leven na leven werd (en wordt) toevertrouwd. Gedurende die gezamenlijke levens (een paar keer ook als leraar en leerling) groeide er een steeds sterkere verbondenheid tussen hen. Laat mij een paar elementen van die groeiende verbondenheid op een rij mogen zetten:
-Allereerst ontstond er een steeds sterker wordend vertrouwen in elkaar. Elk leven dat ze met elkaar doorbrachten werd dat vertrouwen dieper. We mogen zeggen dat ze elkaar daardoor blindelings vertrouwden toen ze elkaar als Rudolf Steiner en Ita Wegman opnieuw tegenkwamen.
– Ze voelden zich daardoor ook steeds veiliger bij elkaar en vertrouwden elkaar af en toe zelfs hun diepste geheimen toe, ook die geheimen die nooit eerder in menselijke taal tot uitdrukking waren gebracht.
– Ook hadden ze regelmatig aan een enkel woord voldoende om te begrijpen wat de ander bedoelde en dacht. Zo ontstond er een woordeloos verstaan van elkaar. Ze hoefden elkaar soms alleen maar aan te kijken en wisten wat de ander dacht. Maar meestal spraken ze dat niet uit: die ene blik was genoeg.
– Maar vooral werden ze steeds meer één in hun vertrouwen in de geestelijke wereld en de leiding die hen vanuit die wereld gegeven werd. Toch werden ze niet afhankelijk van elkaar, maar stonden elk stevig geworteld in hun eigen levenskracht, hun eigen levensopdracht en in de zorg voor de velen die hun hulp zochten.
De geestelijke winst die zij ieder persoonlijk, maar ook door hun diepe verbondenheid met elkaar behaalden, maakte hen tot rijke mensen. Ze hadden zo’n diepgaand inzicht en zo’n gerijpte intuïtie dat het de meeste mensen voor het overgrootste deel ontging hoe wijs en hoe geestelijk rijk ze wel waren en wat ze daardoor allemaal te geven hadden. Maar wel vóelden de mensen hun wijsheid: ze werden als vanzelf naar hen toegetrokken. De mensen die genezing zochten voor hun lichaam kwamen vooral naar Ita Wegman toe, de mensen die genezing voor hun ziel zochten, kwamen vooral naar Rudolf Steiner toe.
Ik ben inmiddels allang vertrouwd met de verschillende incarnaties die Rudolf Steiner en Ita Wegman gezamenlijk hebben doorgebracht. Maar het heeft veel langer geduurd voordat ik me bewust werd hoe hun vriendschap en liefde voor elkaar – leven na leven – steeds dieper werd. Ook begon ik te begrijpen waaraan je die groeiende verbondenheid kunt herkennen: aan dat vertrouwen in elkaar, dat gevoel van veiligheid dat ze elkaar gaven, het woordeloos verstaan van elkaar en hun gedeelde liefde voor de grote levensgeheimen. Je mag deze geestelijke krachten (want dat zijn het!) de aardse wijsheid noemen die ze zich hier op aarde, leven na leven, eigen gemaakt hebben. En besef wel: deze aardse wijsheid kunnen we alleen maar hier op aarde leren en niet in de geestelijke wereld. De wijsheid van de geestelijke wereld zit heel anders in elkaar, maar daar ga ik nu niet verder op in, want dat is weer een heel nieuw thema!
Zelf leer ik hiervan om mij af te vragen welke aardse wijsheid ik bij mijn dood zal meenemen naar de geestelijke wereld.
Maar dat is nog niet alles wat ik leerde door stil te staan bij de verschillende incarnaties die Ita Wegman en Rudolf Steiner gezamenlijk doorbrachten.
Dit bijzondere voorbeeld bracht mij ertoe om mij af te vragen of ik in mijn eigen leven misschien ook mensen ken(de) met wie ik al vaker op aarde leefde. Hoe kom je daar achter? Door te letten op de geestelijke krachten die Ita Wegman en Rudolf Steiner in die vele gezamenlijke levens veroverden: dat diepe onwrikbare vertrouwen in elkaar, dat woordeloze verstaan van elkaar, die trouw, die gedeelde liefde voor de geestelijke wereld en ga zo maar door.
En toen herkende ik ze: die paar mensen met wie ik al eerder op aarde leefde en met wie er een diepere verbondenheid groeide. Zo werd de vriendschap en de liefde van Rudolf Steiner en Ita Wegman voor elkaar tot een spiegel waarin ik ook het een en ander van mijn eigen vorige levens begon te herkennen.
3. Rudolf Steiner en Henoch: twee incarnaties van dezelfde individualiteit
Een onbekende incarnatie van Rudolf Steiner
Veel mensen die zich met Rudolf Steiner verbonden voelen, vragen zich dikwijls af wie hij nu eigenlijk was. Welk wezen of, zoals dat meestal genoemd wordt, welke grote individualiteit heeft zich in hem belichaamd? Het gevleugelde woord dat Ita Wegman tegen haar medewerkers sprak: Jullie zien hem altijd veel te klein, is velen wel bekend, maar geeft geen antwoord op de vraag wie hij nu eigenlijk was.
Het boeiende van het hier bovengenoemde boek Eeuwige individualiteit is vooral ook dit: dat Frans Lutters op die vraag een antwoord geeft. Hij laat zien dat er aan de reeks bekende incarnaties van Rudolf Steiner een tot nu toe onbekende incarnatie mag worden toegevoegd: die van Henoch.
Deze Henoch is een boeiende, maar ook een raadselachtige figuur. Hij wordt slechts met enkele woorden in de Bijbel vermeld. Maar van de Bijbel geldt dat degenen die daar slechts met weinig woorden vermeld zijn, meestal grote ingewijden zijn. Juist omdat zij zulke bijzondere ingewijden zijn is de Bijbel nogal terughoudend over hen: de mensen zouden hun ervaringen niet kunnen begrijpen. Denk bijvoorbeeld aan Nicodemus of Jozef van Arimathea.
De geestelijke Emil Bock – ik heb hem en zijn boeken in het verleden vaak genoemd, omdat ik hem zo’n bijzonder mens vind – heeft in zijn boek Genesis ruime aandacht besteed aan Henoch. Daardoor weten we nu beter wie Henoch eigenlijk was:
– een patriarch of (oer)aartsvader die ver voor de drie bekende aartsvaders Abraham, Isaäk en Jakob leefde,
– een oerleraar van de mensheid, en
– de geestelijk leider van de 5e Atlantische cultuur of cultuurperiode.
Frans Lutters heeft jarenlang geleefd met, en nagedacht over dit inzicht: dat de individualiteit die leefde in Henoch (veel) later weer is teruggekeerd naar de aarde en zich heeft belichaamd in Rudolf Steiner. Ofwel: Rudolf Steiner is de teruggekeerde Henoch.
Toen ik nadacht over deze twee: Henoch en Rudolf Steiner, vielen mij een aantal overeenkomsten tussen die beiden op die voor mij dit inzicht van Frans Lutters ondersteunen. Daarnaast geven zij wat meer zicht op de ware grootheid van Rudolf Steiner. Laat mij een paar van die overeenkomsten op een rij mogen zetten.
1. Wat Henoch en Rudolf Steiner met elkaar verbindt
Henoch was de leider van de 5e Atlantische cultuur (of cultuurperiode), terwijl Rudolf Steiner de geestelijk leider van de huidige 5e na-Atlantische cultuurperiode is. Deze laatste cultuurperiode begon omstreeks 1413 na Chr. en zal eindigen omstreeks 3573 na Chr. Voor mij is het in de loop der jaren steeds duidelijker geworden: Rudolf Steiner is werkelijk de grote geestelijke leider en ingewijde van deze tijd – en dus van deze cultuurperiode. En steeds meer mensen zullen in de loop van de tijd tot dat inzicht komen.
Door zo te kijken wordt er meteen ook iets duidelijk van de ware grootheid van Rudolf Steiner.
2. Een nieuwe verbinding met de geestelijke wereld
Beiden, Henoch en Rudolf Steiner, maken een nieuwe verbinding met de geestelijke wereld mogelijk; Henoch in zijn tijd en Rudolf Steiner in de huidige tijd.
De naam Henoch betekent ‘de omhoog gaande’. De naam van zijn vader Jared betekende daarentegen: ‘de neergaande’. De naam van Henoch laat dus zien dat er met hem een heel nieuwe ontwikkeling begint.
Tot in de 5e cultuurperiode van Atlantis had de mens zich steeds sterker met de aarde, met de aardse energie-krachten (bijvoorbeeld in zaden en eieren) en met negatieve magische krachten verbonden. Zo sterk dat de mensheid op de langere duur aan de negatieve aspecten van die ontwikkeling ten onder dreigde te gaan.
Daarom moest er een grote ingewijde komen die deze negatieve ontwikkeling zou kunnen keren en zou omvormen tot een opgaande beweging die hen weer zou verbinden met de (ware) geestelijke wereld. Die ingewijde was Henoch.
Het was aan zijn werk te danken dat later (aan het einde van de zevende Atlantische cultuurperiode) een kleine groep mensen Atlantis kon verlaten en naar Europa en Azië kon reizen. Zo ontsnapten ze aan de ondergang van Atlantis (de grote watervloed of zondvloed). Deze mensen waren het die in een vroeger leven door de inzichten en de wijsheid van Henoch geestelijk wakker geworden waren. En zij waren het eveneens die de basis vormden voor de achtereenvolgende na-Atlantische culturen die daarna ontstonden.
Maar ook in het huidige tijdperk, ofwel in de tijd van de zeven na-Atlantische culturen, zien we een soortgelijke ontwikkeling. We zien hoe de mensen langzamerhand steeds sterker verbonden raken met de aarde en met de wereld van de materie. Ook ontwikkelen zij steeds sterker het vermogen van het denken. Maar tegelijkertijd verliezen ze bij die ontwikkeling meer en meer de voelbare verbinding met de geestelijke wereld. Daarom geldt ook van de huidige tijd en van de huidige ontwikkeling dat wij verloren dreigen te raken. We mogen zelfs zeggen dat deze eenzijdige verbinding met de materie onze ondergang dreigt te worden.
Daarom hebben ook wij een grote ingewijde nodig die in staat is deze ontwikkeling te keren en de neergaande beweging om te vormen tot een opgaande beweging. Die grote ingewijde is Rudolf Steiner. Zijn werk en de wijze waarop de mensen zich met hem zullen verbinden, zal beslissend zijn voor onze toekomst.
3. Niet alleen leiders van mensen, maar ook van engelen
Van Henoch wordt verteld dat hij leiding gaf aan engelen en/of engelengroepen toen hij zich van de mensenwereld teruggetrokken had in de geestelijke wereld.
Van Rudolf Steiner wordt verteld dat de aartsengel Michaël luisterde naar de aanwijzingen en opdrachten van Rudolf Steiner. Dat is niet niks! Michaël is inmiddels opgeklommen tot de rang van oerkrachten die boven de aartsengelen staan. En zelfs deze oerkrachten gehoorzamen hem.
Van Henoch wordt verteld dat hij zowel een menselijk als een goddelijk wezen was. Zulke goddelijk-menselijke wezens zijn er nu niet meer: sinds zij zich in de geestelijke wereld hebben teruggetrokken, geven hoge menselijke ingewijden leiding aan de mensheid op aarde. Rudolf Steiner is zo’n hoge ingewijde – en we mogen rustig zeggen: een van de hoogste!
Zo komen we iets dichter bij de ware grootheid van Rudolf Steiner.
4. Zowel Henoch als Rudolf Steiner wijst op de weg van de inwijding
Van Henoch wordt verteld dat hij niet gestorven is, maar op een paard ten hemel is gevaren. Daarbij heeft hij alle zeven hemelsferen bezocht. Die hemelvaart is (ook) het symbool van een hoge(re) inwijding, waarbij de inwijdeling een hemelreis maakt, terwijl zijn lichaam als dood op aarde achterblijft. Als hij dan terugkeert in zijn lichaam is hij een wetende geworden die met eigen ogen niet alleen de geestelijke wereld heeft geschouwd, maar die ook mocht schouwen hoe de toekomst op aarde zich verder zou ontwikkelen. En juist dit toekomstbeeld maakte dat Henoch na de terugkeer in zijn aardse lichaam de mensen begon te waarschuwen en tot bekering op te roepen.
Zo werd Henoch in zijn tijd (de 5e Atlantische cultuur) tot de geestelijke leider van de mensen die hen opriep om ieder persoonlijk de weg van de geestelijke groei te gaan, ofwel de inwijdingsweg.
Maar ook Rudolf Steiner riep ons (in onze tijd) in zijn lezingen voortdurend op om de weg van geestelijke groei ofwel de inwijdingsweg te gaan. Hij heeft laten zien hoe je die weg op drie verschillende manieren kunt gaan:
– op de Oosterse manier (met behulp van yoga en meditatie),
– op de Christelijke manier (door de navolging van het lijden van Jezus Christus) en
– op een heel nieuwe, moderne manier: via de Rozenkruisersweg. Op die weg ligt de nadruk op studie (in deze tijd met behulp van de geesteswetenschap van Rudolf Steiner). Het gaan van die weg brengt de leerling de zo noodzakelijke hogere inzichten.
Voor zowel Henoch, als voor Rudolf Steiner geldt dat ze de mensen in hun tijd waarschuwen: willen jullie aan een dreigende ondergang ontkomen, dan zullen jullie ieder persoonlijk de weg van de inwijding moeten gaan.
5. De Bode van de Logos en de Verkondiger van de komst van de etherische Christus.
Henoch wordt de Bode van de Logos genoemd. (De Logos is een van de namen van Christus.) Dat Henoch zo – en dus als de Bode van de Logos -wordt genoemd, wijst echter ook op het geschenk van de taal of van het Woord dat hij de mensen bracht. (De Griekse term Logos betekent letterlijk woord.) Het was het geschenk dat hij de mensen in zijn tijd in zijn allereerste vorm mocht brengen: het begin van het spreken of het vermogen van de taal.
Maar ook wordt met die term: de Bode van de Logos, aangeduid dat Henoch de komst van de Christus (het vleesgeworden Woord) in een veel latere tijd mocht helpen voorbereiden.
Rudolf Steiner mocht in zijn tijd de komst van de etherische Christus aankondigen. Dat wil zeggen: de verschijning van de Christus die in deze tijd vanuit de etherische wereld aan de mensen op aarde verschijnt. Vanaf het midden van de vorige eeuw doen deze verschijningen zich steeds vaker voor en vertellen steeds meer mensen over zo’n ontmoeting. (Zie daarover mijn boek: De verschijningen van Christus in onze tijd.)
Deze feiten laten zien dat zowel Henoch als Rudolf Steiner diep verbonden waren met Christus en het Christusmysterie en dat zij beiden in zijn dienst stonden en nog steeds staan.
6. Zowel Henoch als Rudolf Steiner waarschuwden voor een noodlottige toekomst
Henoch wees in zijn tijd op desastreuze toekomstige gebeurtenissen als de mensen zich niet bij zijn ‘opgaande beweging’ zouden aansluiten en zich innerlijk niet opnieuw met de geestelijke wereld zouden verbinden. In latere tijden zijn die noodlottige gebeurtenissen ook daadwerkelijk gekomen in de vorm van de zondvloed, ofwel de ondergang van Atlantis aan het einde van de 7e Atlantische cultuurperiode.
Maar gelukkig kon een kleine groep mensen aan die ondergang ontkomen door – vóór de ondergang van Atlantis – dit gebied te verlaten en naar Europa en Azië te reizen. Daar vormden zij – zoals gezegd – de basis voor de verschillende na-Atlantische culturen.
Deze groep was ontstaan door de prediking en/of de wijsheid die Henoch hen gedurende de 5e Atlantische cultuur geschonken had.
Ook Rudolf Steiner waarschuwde (in de vorige eeuw) voor toekomstige noodlottige gebeurtenissen. Hij zei zelfs dat we in de 20e eeuw zouden ‘staan aan het graf van alle beschaving’, als we ons eenzijdig zouden blijven richten op techniek, op uiterlijke successen en puur materialisme. Hij verwijst daarmee naar de diepe existentiële crisis waarin de moderne mens zich bevindt. (Wij dus…)
We mogen overigens zeggen dat de mensheid de 20e eeuw heeft overleefd. Al hebben slechts weinig mensen door dat het kantje boord is geweest of we waren in de vorige eeuw aan kernwapens ten onder gegaan.
Maar net zoals Henoch in zijn tijd een groep mensen wist te inspireren die eeuwenlang trouw bleven aan de geestelijke inzichten van Henoch, zo hebben kennelijk ook nu de vele leerlingen van Rudolf Steiner het mogelijk gemaakt dat we de kernwapens overleefden. Maar daarmee zijn we er nog niet! Is dat soms uitstel van executie?
7. Klimaatproblemen
Op zijn hemelreis kreeg Henoch de toenmalige klimaatproblemen te zien die veroorzaakt werden doordat de mensen de heilige verbinding met de geestelijke wereld steeds meer vergaten en zich alleen op hebzucht en eigenbelang richtten. Henoch voorzag als gevolg daarvan de komende IJstijd en de daardoor veroorzaakte ondergang van Atlantis (ofwel de zondvloed). Daardoor gedreven riep hij de mensen in zijn tijd voortdurend op tot een ‘ontwaken’ of een ‘wakker worden’.
Dat roept bij mij de vraag op of een soortgelijk scenario ons in de huidige tijd of in de nabije toekomst zal treffen. De tijden van Henoch (de 5e cultuurperiode van Atlantis) en die van Rudolf Steiner (de 5e na-Atlantische cultuurperiode) zijn immers, hoe verschillend ook, vergelijkbaar. Bij elke ontwikkeling die zeven fasen omvat zien we dat de 5e fase of periode het grote keerpunt is. Dat gold voor Henoch die in zijn tijd een ‘opgaande beweging’ moest brengen, net als het nu geldt voor Rudolf Steiner die in onze tijd een nieuwe verbinding met de geestelijke wereld mogelijk moest maken.
Door al deze overwegingen kwam bij mij al eerder de vraag op of de grote klimaatproblemen van deze tijd misschien veel meer – net als in de tijd van Henoch – samenhangen met de geestelijke leegte of armoede van de huidige mensheid dan wij vermoeden en voor mogelijk houden.
Het is bij uitstek dit thema dat mij de laatste tijd steeds meer bezighoudt en waarop ik in de toekomst zeker nog vaker op hoop terug te komen.
Zoals gewoonlijk geldt ook nu: je hoeft niets te geloven of aan te nemen van wat ik schrijf. Vorm je eigen inzicht! Dat geeft mij de vrijheid om jullie mijn inzichten en overwegingen onbevangen voor te leggen!
Het boek De Mysteriën van Christus voor wie het geheim begrijpen wil
is al een tijdje uitverkocht. Het is nu opnieuw uitgebracht, maar nu als paperback. De omslag van dit boek is van Harm Wagenmakers.
Gedicht
Ons hart kent het antwoord
Ita Wegman zei het al. En jaren geleden las ik
haar woorden voor het eerst: Dat de Tweede
Wereldoorlog voorkomen had kunnen worden
als een aanzienlijk deel van de mensen zich
de inzichten van Rudolf Steiner eigen gemaakt
zou hebben. Die uitspraak schokte mij diep.
Jarenlang heb ik met die woorden geleefd. Ik heb
ze geproefd, overdacht, maar vaak ook weggestopt.
Maar steeds kwamen ze weer terug en vroegen
mij om aandacht. Is het werkelijk waar dat
geestelijke krachten als inzichten en gedachten
sterker zijn dan de krachten van haat, woede
en vernietiging die op aarde vaak zo machtig zijn?
Pas nu ik oud ben en het kwaad gezien en door-
leefd heb, weet ik: wat Ita zei is werkelijk waar.
Geestelijke krachten hebben meer macht dan
de meeste mensen voor mogelijk houden. Ze zijn
sterker dan welke krachten van vernietiging dan ook.
Dat opent rijke vergezichten: als wij onze inzichten,
onze gedachten en onze dromen behoeden, kunnen
wij grote rampen voorkomen, zelfs klimaatrampen.
Vraag het aan je eigen hart: kan het zijn dat de geest
sterker is dan het kwaad? Ons hart kent het antwoord.
Hans Stolp
Expositie van 20 schilderijen van Liane Collot d’Herbois
De Stichting Collot Zien en Beleven nodigt u van harte uit op 10 en 11 oktober 2026 voor de jaarlijkse najaarstentoonstelling van werk van Liane Collot d’Herbois (1907-1999).
Het meedoen aan een schilderijbespreking kan een nieuwe toegang tot dit mooie en unieke werk mogelijk maken.
Openingstijden:
zaterdag 10 oktober 9.00-17.00 uur
zondag 11 oktober 9.00-16.00 uur
Inleiding en bespreking van een schilderij
Zaterdag en zondag 12.00 uur
Demonstratie van de sluiertechniek op beide dagen
Adres:
Centrum voor Gezondheid De Lemniscaat
Schelpenkade 40 2313 ZW Leiden
Vrijwillige bijdrage
Ik wens jullie van harte een gezegende herfsttijd toe.
Hartelijke groet,
Hans Stolp
